Onze Krant
december 2002

Van de redactie

Afrikacentrum

Een missionaire zorg

Bedevaart naar Czestochowa

Wie? Wat? Waar?

Missie in de "Afram Planes-South"

Waarom nog missie

SMA

Gesprekken met missionarissen

BETROKKENHEID BIJ DE AARDE EEN MISSIONAIRE ZORG

Als de aarde sterft, sterft ze aan de graaigrage mentaliteit van de mensen. Het is allang bewezen dat de rijke industrielanden op dit vlak de top Tien lijst van schuldigen aanvoeren. Je hoeft maar te kijken naar de mislukte Milieu Wereldconferenties om daar achter te komen. Zolang het ‘verdeel en heers’ de dienst uitmaakt, zal er voorlopig ook geen bevoegde internationale rechtbank komen voor het milieu, die de boosdoeners tot de orde zou kunnen roepen. En terwijl de aarde ‘kreunt en steunt’ onder haar uitbuiting en verloedering, komt er toch een vleug goed nieuws uit het straatarme continent Afrika. Hoe bescheiden dan ook, doet men daar op dit vlak van zich horen. Twee duizend jaar geleden formuleerden de Romeinen het al : “De Africa semper nova”. (Er is altijd wel nieuws uit Afrika).

ECO Initiatief

Vanaf 1996/’97 is men in Ghana, West Afrika, begonnen met het complexe en langdurige proces van mentaliteitsverandering ten aanzien van het milieu. Opzet is om zoveel mogelijk mensen bewust te maken van hun betrokkenheid bij de aarde. Initiatiefnemer van ECO-Environmental Concern Office, (Zorg voor het Milieu Kantoor) is de begeesterde Groningse missionaris, Rob Clobus SMA.

In mijn gesprek met hem merkte hij op dat hij, evenals alle missionarissen er altijd van uitgegaan was dat mensen in Ghana zich natuurlijkerwijze sterk bij de aarde betrokken voelden. Maar in de loop van de veertig jaar dat hij in Ghana werkte, kwam hij tot de conclusie dat dit niet meer zo was.
“Ik ontdekte,” zegt Rob, “dat dit traditionele betrokken zijn bij de aarde- gevoel ondergeslibberd is. Men heeft ten onrechte gedacht dat wanneer je christen wordt, je breekt me het verleden en een streep zet onder wat je waarden geweest zijn, dus nieuwe en andere dingen gaat doen. (De ontkerkelijking in Europa laat eenzelfde proces zien in omgekeerde richting).


Rob Clobus, SMA

terug naar boven

Traditie meenemen

Na een lange zoektocht door gesprekken met diepgelovige Afrikanen, kwamen wij tot de bevinding dat wij de mensen moesten oproepen om de moed te vinden terug te kijken naar het verleden om goede wegen te vinden voor de toekomst.” Goddank zijn de traditionele ervaringen en inzichten van Afrika, en met name Ghana, nog dichtbij in het geheugen van mensen, zodat het goede ervan meegenomen kan worden als onderdeel van een nieuwe mentaliteit. Tegelijkertijd is het voor hen een bevrijdende verzoening met hun verleden. Immers mensen krijgen weer vrij zicht op wat hun voorouders groot maakte. Hoe zij in staat waren het boek van de schepping rondom hen te lezen, daarin God ontdekten en Hem namen gaven. Hun kennis van de aarde en omringende omgeving, hun manieren in het gedrag jegens de medemens, hoe je de konflikten oplost en veel andere positieve elementen die zij zo bewust hoog hielden. Kortweg mensen opnieuw hun zintuigen laten gebruiken, om zo de zin van het leven op en met de aarde zich opnieuw eigen te maken.

terug naar boven

Wie ben ik ?

De manier waarop je zo’n bewustwording presenteert heeft navenant veel voeten in de aarde gehad. Rob hierover : “Voordat je omhoog kijkt om God te vinden, moet je eerst naar jezelf kijken en jezelf bevragen van ‘Wie ben ik ?’ Wat is mijn identiteit, waar kom ik vandaan, waar ben ik nu en waar ga ik naartoe ? Weer veronderstellen wij dat die vragen door iedereen geweten zijn. Op dat punt heb ik slecht nieuws. Je komt op die vragen dan ook niet weg met voornaam, achternaam, adres, telefoonnummer of Sofi-nummer. Heel choquerend voor iedereen helaas, maar – Wij weten niet wie wij zijn. Om die vraag als gelovig mens te kunnen beantwoorden moet je terug naar het oerbegin. Je moet alle abstracte begrippen laten zitten, en beelden gebruiken waarin iedereen zich kan vinden”.

Zo gebruikt ECO het beeld van een ui in doorsnee om de verbondenheid van ieder mens met al het andere om hem heen te duiden. Het centrale groeipunt wordt, als uniek en ondeelbaar, als de identiteit van ieder mens afzonderlijk benoemd. Daaromheen zijn veertien lagen getekend die ieder een vraag oproepen, waarop de deelnemers aan de workshop het antwoord moeten vinden. Participanten worden gevraagd nu eens niet te beginnen in het centrum, maar een reis te ondernemen vanaf de buitenste laag naar het centrale groeipunt, hun eigen identiteit.

De bedoeling is dat mensen zien wat ze gemeen hebben met of waarin ze verschillen van alles om zich heen; God, engelen, aarde, stof, water, planten, vissen, vogels en dieren etc. Daardoor realiseert men zich stap voor stap dat de individuele en menselijke identiteit geen geïsoleerde positie inneemt, maar wel degelijk verbonden is met alles om hem heen. Zoals bestaan, geschapen zijn, gemaakt van stof. Maar ook leven, dier, gewerveld, zoogdier, primaat, mens, voorouders, etc. Samengevat kom je tot de conclusie dat de mens zijn unieke identiteit mede ontleent aan alles om hem heen. Dat hij zijn bestaan deelt met al het andere.

terug naar boven

Wegen zoeken.

“Dit is een grote ontdekking voor de mensen, die aan de ECO workshops deelnemen,” merkt Rob op. “Zij zien in dat hun betrokkenheid met de aarde zonder meer nodig is, wil jezelf niet ten onder gaan. Maar ook dat het saamhorigheidsbeginsel de gids moet zijn voor het behoud en de bevordering van het milieu in de toekomst. De Bijbel is niet de enige bron van waaruit men zichzelf kan bevragen, ook het milieu geeft antwoorden op vragen die je kunt hebben. Dat de Afrikaanse christenen en andere Godgelovige Afrikanen dat laatste ongewild hebben verwaarloosd, wordt nu voor hen een urgente aanleiding om op zoek te gaan naar de positieve elementen in de betrokkenheid bij de aarde van hun voorouders. Zij leefden in vrede met de wereld om hen heen.Zoals velen van de participanten in de ECO-workshops dat ook beaamden door te stellen : “Ik moet weer eens gauw naar mijn grootouders, oudooms – en tantes om van hen te leren hoe zij dat deden en wat hen daarbij motiveerde.”

ECO is nu zes jaar onderweg met de doelgroepen van religieuzen, onderwijzers, katechisten en seminaristen. Ze heeft meer dan honderd driedaagse kursussen gegeven, verspreid over het hele land. Doel is om zoveel mogelijk plaatselijke trainers te vormen, die op hun beurt hun kennis gaan delen met de mensen aan de basis. Zo hoopt zij een landelijke milieu- bewustzijn te bevorderen onder de mensen.

terug naar boven

Andere godsdiensten.

“Mijn oorspronkelijke idee was om een typisch Ghanese milieubeweging voor gelovige mensen van de grond te tillen,” memoreert Rob. “Immers godsdiensten hebben veel met elkaar gemeen. Aan dat gemeengoed ontlenen zij hun bestaan. Hun geloof in God, als de schepper van het leven en de aarde. De aarde die voedsel voortbrengt voor alle schepselen. Ze hebben het allemaal van die éne God, die éne adem waarvan wij allemaal leven. Dat houdt dan ook enorme consequenties voor hen in. Het behoeden en bewaren van die aarde, en zo mogelijk die aarde terugbrengen in haar oorspronkelijke staat. Die centrale opdracht, waarbij samenwerking wellicht mogelijk en wenselijk is, doet niets af aan hun onderscheidenheid. Voor christenen is de Christusfiguur een Verzoener. Hij beoogt de verzoening van de mens met God. Dat heet jezelf nemen zoals je bent, de wijze waarop God je geschapen heeft; het daarmee eens zijn en als goed ervaren. Dan de verzoening van mens tot mens en tenslotte de verzoening van de mens met de aarde. Valt dit laatste weg, dan wordt de algehele verzoening tussen de schepping en God onmogelijk.”

ECO is dan wel een katholiek initiatief, maar biedt in wederzijds respect, ook haar medewerking aan milieu workshops voor niet-christelijke gelovigen. De laatste twee jaar zijn dhr. Isaac Eshun en Rose-Mary Kyi-ere het ECO-team komen versterken. Rob Clobus, inmiddels 65 geworden, heeft de voortzetting en uitwerking van de milieubeweging aan hen overgedragen. Beiden komen uit het onderwijs en zetten zich enthousiast en professioneel in.

Op het ogenblik wordt er gewerkt aan de evaluatie van het werk van ECO door de sponsors, Misereor en Missio uit Duitsland. Rond Kerstmis zullen zij, samen met de ECO-Adviesraad, hun bevindingen presenteren.
Rob hierover : “Wij hebben een voorstel gedaan om de professionele staf uit te breiden met 1 tot 3 nieuwe medewerkers. Daardoor zouden wij in staat worden gesteld om de nazorg en verdere vorming van de lokale trainers te verbeteren.

Zij kunnen dan ook op hun beurt de ECO-boodschap aan de basis doorgeven en nagaan wat ze daar aan praktische toepassingen ontwikkelen.”

terug naar boven

Lange duur planning.

“Dan is er ook nog een plan dat van langere duur is,” vervolgt Rob. “Mensen in Ghana moeten ook wennen aan het idee dat ze Ghana moeilijk als hun exclusief thuis kunnen beschouwen. Daarvoor zijn ze teveel afhankelijk van de hen omringende landen om te kunnen leven. Ze moeten dus grenzen verleggen. Nu is heel West Afrika, dus alle landen die deze Regio vormen, wel in staat om ook voor langere tijd de natuur en alle mensen daar ruime levenskansen te bieden. Dat eist echter enorme veranderingen op politiek, maatschappelijk, academisch en andere vlakken. Samenwerking zoals in de Europese Gemeenschap zal ook in West Afrika nodig zijn, wil men de spiraal van armoede en onderontwikkeling doorbreken.

Daarbij zie ik een reële uitdaging voor een religieus geïnspireerde milieubeweging aan de basis in al die landen. Afrikanen zijn diepgelovige mensen. Als zodanig kunnen zij begeesterd worden die samenwerking als noodzakelijk te gaan zien en tot stand te brengen.

Rob spreekt ook vanuit zijn Nigeriaanse ervaring. Hij was er drie maanden lang op bezoek en heeft daar sterk de indruk gekregen dat er grote belangstelling is om ook, zoals in Ghana, een soortgelijke milieubeweging van de grond te krijgen. Ook de sponsors delen die ideeën.

terug naar boven

Missionaire opdracht.

Rob hoopt nog vier jaar als adviseur op de achtergrond mee te werken aan het ECO-projekt. Er moet een handboek geschreven worden die de methodieken van het onderwijs over ‘betrokkenheid bij de aarde’ overal aan kan reiken. Hij wil helpen in de ontwikkeling van nieuwe initiatieven, en intenser de bewustmaking van de religieuzen in Ghana op milieugebied ter hand nemen.

Op mijn vraag hoe missionair hij zijn werk vindt, schiet Rob in vuur en vlam, en stelt : “Wij hebben een hoop goed nieuws dat nog nooit verteld is. Door de bank genomen vertellen wij onze mensen slechts de helft van het Goede Nieuws. Leggen hen uit hoe ze naar de hemel kunnen gaan, maar niet over hoe je op aarde moet leven. Nou die laatste bezigheid slokt wel 60% tot 70% van je werkzame leven op. Dus de simpele waarheid is dat wanneer wij als christenen, religieuze mensen dus, niet weten hoe wij op aarde moeten leven, dan is dat een aanfluiting van Christus. Daar juist heeft Hij het enkel over gehad. Hij heeft het nooit alleen maar gehad over hoe je in de hemel komt, maar meer over hoe je op aarde moet leven.

Daarin is Christus juist de sleutelfiguur voor ons. Hem stond alleen maar verzoening voor ogen : verzoening van de mens met Goed, verzoening van mens tot mens........noem het vrede.........en de verzoening van de hele schepping met God; voor ons vooral de aarde. Dat heeft Hij gedaan en daarom is Hij mens geworden, zodat Hij het met ons kan vieren.
En dat Goede Nieuws moeten wij als missionarissen verspreiden.”

M. Peters

terug naar boven