












Onze
Krant is
het
familieblad voor alle missionarissen, vrienden, bekenden, weldoeners
en verdere supporters van de SMA.
Wilt
U meer weten?
Neem contact op met
Ton Storcken SMA:
Rijksweg 15
6267 AC Cadier en Keer
tel: 043-407 73 73
fax: 043-407 73 74
e-mail:
t.storcken@bisdom-roermond.nl
Conferentie-
en
studiemogelijkheden in het SMA Missiehuis (klik
op één van onderstaande foto's)

|
Waarom
de hemel zo ver is
Kerstavond in Ghana
door
Henk Zengers sma
De zon is, zoals gebruikelijk, snel in schemering overgegaan en
de duisternis heeft bezit genomen van het kleine dorpje. Op enkele
plaatsen zie je het licht van de olielamp bewegen of de wacht
houden bij een hut. Het is erg stil. Maar aan de rand van het
dorp is er meer beweging. Daar zijn veel mensen in of bij het
lokale dorpskerkje dat opgetrokken is uit leem en bedekt met gedroogd
olifantengras. Het is kerstavond en een priester uit een groot
dorp is gekomen om met de mensen het Kerstfeest te vieren.
Op de binnenplaats van een van de hutten zit Akosua Seiwaah. Ze
is een oude vrouw en niet in staat om de hobbelige weg naar het
kerkje in het duister te gaan. Ze zit bij een vuurtje aangestoken
door een van haar dochters, want de avond is kil in deze tijd
van het jaar doordat de harmattan, de wind die komt uit de woestijn,
de dagen zeer heet, droog en schraal maakt en de nachten kil.
Ze heeft heeft een deken om zich heen geslagen.
Veel van haar kleinkinderen en de kinderen van de buren zijn ook
thuis gebleven, want het kerkje is te klein en ze zijn te rumoerig.
Tegen de kou hebben zij hun ntoma, een katoenen doek waarin ze
ook slapen, rondom hun schouders geslagen. Ook zij gaan bij het
vuur zitten, dicht bij Nana Seiwaah, zoals ze hun grootmoeder
noemen, want ze weten dat Nana (oma) op een avond zoals vandaag,
hun een verhaaltje zal vertellen dat door haar ouders en grootouders
is overgeleverd jaren geleden. Ze zijn benieuwd wat het vanavond
zal zijn.
| Wanneer
de kinderen tot kalmte zijn gemaand door enkele vrouwen die
ook thuis zijn gebleven, begint Nana haar verhaal. Om in de
sfeer van de kersttijd te blijven vraagt Nana aan de kinderen
of ze weten waarom de hemel zo ver weg is? Natuurlijk weten
ze het niet, roepen de kinderen allemaal door elkaar heen.
Ze moeten weer gemaand worden stil te zijn en te luisteren.
En dan begint Nana Seiwaah: Heel lang geleden leefde Nyame
(God) heel dicht bij de aarde, veel dichterbij dan nu. |
|
Als iemand een vis wilde hebben, stootte die met een lange stok
tegen de hemel en kijk dan kwamen er vissen naar beneden. Ze vielen
als regendruppels, maar dan wel veel groter, op de aarde. Wie
erom gevraagd had, hoefde na zo’n visregen niets anders
te doen dan de manden te nemen en de vissen op te rapen.
Maar wat gebeurde er? Een vrouw was fufu aan het stampen in een
stampvat. (Fufu is Ghanese hoofdmaaltijd gemaakt uit bakbanaan
of yams die, na gekookt te zijn, gestampt worden tot een soort
kleverige puree en die dan overgoten wordt door een pinda of palmnoten
soep). Om goed te kunnen stampen heeft ze ruimte nodig want ze
gebruikt een lange stok hiervoor. Maar die vrouw had niet genoeg
ruimte voor haar stamper die ze niet hoog genoeg op kon heffen
omdat de hemel zo kortbij was.
Ze was ook wat nukkig die dag en ze vroeg aan God:
‘Hé, Nyame, ga eens een beetje omhoog want ik heb
niet genoeg ruimte voor mijn fufu stamper!’
‘Nyame gehoorzaamde en vroeg: ‘Is het zo goed?’
‘Nee’, zei ze, ‘nog wat verder weg’.
‘Tot hier?’
‘Nee, nog wat verder’.
Dit herhaalde ze nog verschillende keren. Tenslotte zei ze dat
Hij mocht stoppen.
Zo gebeurde het dat de hemel ver van de aarde af kwam te liggen,
zover zelfs dat Nyame het nauwelijks meer hoort als iemand hem
aanroept. En wat de vissen betreft, ze zijn heel zeldzaam geworden.
Je kunt grote vissen nu alleen nog vinden in grote rivieren en
op zee. Als die vrouw er niet geweest was, zouden we nu nog voor
niets vis kunnen krijgen.
Wat een domme vrouw riep een van de kinderen. ‘Hebben de
andere mensen dan niet geprobeerd om de hemel en Nyame weer korter
bij te krijgen?’
‘Ja’ zei Nana ‘onze voorouders hebben wel nog
geprobeerd om Nyame te overreden de hemel weer korter bij te brengen.
De Chief (het dorpshoofd) en de ouderlingen riepen alle mensen
bijeen om hun fufupotten waarin ze de fufu stampten bij elkaar
te brengen om zo dichter bij de hemel te komen. Ze zetten al die
stampvaten boven op elkaar maar ze hadden er te weinig om helemaal
boven te kunnen komen.Toen wilde iemand het onderste vat waarop
al die andere vaten stonden er onderuit trekken en bovenop zetten.
Dat was natuurlijk ontzettend dom want toen viel de hele stapel
om. Bijna werden ze er zelf door getroffen. Alleen door weg te
vluchten, konden ze ontkomen aan een ramp. De mensen schrokken
toen zo, dat ze door die plotselinge schrik allerlei nieuwe talen
begonnen te spreken en zo komt het dat er nu zoveel talen onder
de zon zijn, ook in ons eigen land. Vroeger was er maar één
taal.’
De kinderen waren even stil en wilden toen nog een nieuw verhaal
horen van Nana Seiwaah. Maar Nana vond dat het mooi geweest was.
De avond was kil en koud en het was bedtijd voor haar en de kinderen.
Ze beloofde vlug nog eens een verhaal te vertellen.
De rust keerde terug op de binnenplaats van Nana Seiwaah. Het
dorp werd nog stiller. Mist daalde neer op het dorp.
Alleen aan de rand van het dorp was er nog licht en hoorde je
het geluid van de drums en het gezang in het lokale kerkje. Daar
werd gevierd dat de hemel met de geboorte van het kindje Jezus
toch weer een stukje naar beneden was gekomen.
|