Onze Krant . Contactblad van de Sociëteit voor Afrikaanse Missiën

Onze Krant is het
familieblad voor alle missionarissen, vrienden, bekenden, weldoeners en verdere supporters van de SMA.

Wilt U meer weten?
Neem contact op met
Robert Dylewski SMA:
Rijksweg 15
6267 AC Cadier en Keer
tel: 043-407 73 73
fax: 043-407 73 74
e-mail:

r.dylewski@sma-nederland.nl

Conferentie- en
studiemogelijkheden in het SMA Missiehuis (klik op één van onderstaande foto's)



Ontwikkelingshulp en schuldenvermindering in het nieuwe Millennium
Nederland kan meer doen om arme landen te helpen

door Ton Storcken S.M.A.
Dit jaar stelt het bisdom Roermond thema’s als schuld, verzoening en vergeving centraal. In het licht van missie- en ontwikkelingshulp krijgen deze thema’s een heel eigen dimensie. Veel arme landen hebben een forse schuld openstaan bij rijke westerse landen. Maar hoe staat het met de schuld van het westen ten opzichte van het ‘zuiden’?

Het Nederlandse schuldenbeleid ten aanzien van de armere landen is jarenlang vooruitstrevend geweest. Zo heeft Nederland zich altijd sterk gemaakt om het schuldenprobleem van het zuiden op de internationale agenda te krijgen en met andere kleinere landen druk uit te oefenen op landen als Duitsland, de Verenigde Staten en Japan. Met het nieuwe kabinet is Nederland niet meer bereid gebleken om voorstellen van verdergaande schuldkwijtschelding te lanceren.

Waarom - zo luidt nu de liberale vraagstelling - zouden regeringen die op een onverantwoorde manier te veel geld hebben geleend, beloond moeten worden met nog meer kwijtschelding? Vanuit een wat meer christelijk standpunt zou je de vraag ook kunnen omdraaien: Waarom zouden geldschieters die op een onverantwoorde manier te veel geld hebben uitgeleend, elke cent terugbetaald moeten krijgen? Over dat ‘moreel risico’ zwijgen de Nederlandse schuldeisers.

Zolang de schulden niet uit de weg zijn geruimd, heeft armoedebestrijding weinig kans van slagen. Wereldwijd leven 1,2 miljard mensen van minder dan een dollar per dag. Zo’n 113 miljoen kinderen gaan niet meer naar school en meer dan één miljard mensen heeft geen toegang tot veilig drinkwater.

De enorme schuld van ontwikkelingslanden is hier mede debet aan. Al tientallen jaren lang houden schulden veel lage inkomenslanden gevangen in bittere armoede. In 2001 werd door hen 43 miljard dollar aan schuldeisende landen terugbetaald. Omgerekend ontvangt dus elke inwoner van de rijke landen 46 dollar van lage inkomstlanden. (Zie: Onze schuld, hun recht. NCDO 2005, p.17)

De schulden die Nederland heeft uitstaan, zijn hulpschulden of exportkredietschulden. Hulpschulden zijn leningen die voortkomen uit ontwikkelingssamenwerkingsprogramma’s tussen twee landen. Exportkredietschulden komen voort uit exporttransacties van Nederlandse bedrijven.

India (408 miljoen euro) en Indonesië (623 miljoen euro) zijn samen verantwoordelijk voor ongeveer zestig procent van de totale hulpschuld aan Nederland. Wat ook opvalt, is dat bijna eenderde van de exportkredietschuld (€ 1300 miljoen) bij Nigeria uitstaat. Dat zou wel eens goed te maken kunnen hebben met de aanwezigheid van Shell in dat land. Maar omdat er geen transparantie over dit soort transacties bestaat, is dat niet met zekerheid te zeggen.

Geconstateerd moet worden dat in de jaren 2000-2002 de Nederlandse overheid 796 miljoen euro kwijtschold aan de ontwikkelingslanden. Doet Nederland daarmee dan niet genoeg? Nederland doet inderdaad veel, maar kan nog veel meer doen. Jaarlijks int Nederland 97 miljoen euro van de armste landen. Kenia bijvoorbeeld moest in 2002 9,3 miljoen euro overmaken aan de Nederlandse overheid. Nigeria betaalde dat jaar 5 miljoen en Indonesië 24 miljoen.

Met betrekking tot exportschulden is het zeer dubieus dat kwijtschelding hiervan op de rekening komt en vergoed wordt door het Nederlands Ministerie voor Ontwikkelingssamenwerking. Het is namelijk zeer de vraag of exportkrediettransacties een bijdrage hebben geleverd aan de ontwikkeling van een land. Het Nederlandse exportkredietschap kijkt immers niet naar criteria voor ontwikkelingssamenwerking, maar richt zich op de eerste plaats op ondersteuning van het Nederlandse bedrijfsleven. Kwijtschelding van exportkredieten zijn dus vaak niet te rekenen tot ontwikkelingshulp.

Bovendien hoort volgens de Europese richtlijnen de exportkredietverzekering, die elke ondernemer kan aangaan, kostendekkend te zijn. Het eigenaardige is dat het Ministerie Financiën de afgelopen jaren bij het Ministerie van Ontwikkelingssamenwerking een hoger bedrag voor deze verzekeringen heeft gedeclareerd, dan het aan verzekerden heeft uitbetaald. Tussen 1997 en 2002 gaat het om een bedrag van minimaal 37 en maximaal 69 miljoen euro.

Het is duidelijk dat het Nederlandse overheidsbeleid met betrekking tot financiële ondersteuning aan ontwikkelingssamenwerking op z’n zachts gezegd leidt tot ernstige vervuiling van het budget van ontwikkelingssamenwerking. Nederland is onder meer hierdoor al lang geen voorbeeldland meer van internationale solidariteit. Wie dan wel?

In het jaar 200 hebben regeringsleiders van 189 landen, waaronder overigens ook Nederland, afgesproken om vóór 2015 de belangrijkste wereldproblemen aan te pakken.
De toen gemaakte afspraken zijn de millenniumdoelen. Dat betekent dat er vóór 2015 onder andere schoon water is voor iedereen, alle kinderen basisonderwijs kunnen volgen, extreme armoede gehalveerd is en de uitbreiding van AIDS en malaria gestopt is.

Nederland heeft beloofd zich speciaal in te zetten voor het behalen van deze millenniumdoelen. Dat betekent dat het Ministerie voor Ontwikkelingssamenwerking maar ook alle niet-gouvernementele organisaties (waaronder het eigen Missiebureau van het bisdom Roermond) zich doorlopend vragen moeten blijven stellen als:
- Gaan er dankzij onze steun meer kinderen naar school?
- Hebben meer mensen veilig drinkwater gekregen?
- Blijft er niet veel te veel geld in Nederland hangen dat eigenlijk bestemd is voor de ontwikkelingslanden?

De millenniumdoelen zijn uniek. Niet op de eerste plaats vanwege hun inhoud maar vooral ook vanwege hun brede ondersteuning. Zowel de meerderheid van de rijke als van de arme landen hebben zich achter de doelstellingen geschaard. Bovendien wordt voor het eerst een tijdspad aangegeven om deze doelen te kunnen realiseren!

Meer en betere hulp, schuldkwijtschelding en betere handelskansen. Zijn het niet diepchristelijke aspiraties om het Koninkrijk Gods hier op aarde al een stukje te realiseren? Laten we elkaar alvast een gelukkig 2015 toewensen, want dan gaan alle kinderen in de wereld naar school, is aids onder controle en armoede gehalveerd. Dat hebben we als Nederlanders beloofd in 2000. En de christenen kunnen niet anders dan vooraan in de rij staan om te zorgen dat we wereldwijd elkaar een echt gelukkig, zalig en vredevol 2015 toewensen.

Millenniumdoelen 2015
De millenniumdoelen die een groot aantal landen uiterlijk in 2015 gerealiseerd wil hebben:

1. Armoede halveren tussen 1990-2015. Dat wil zeggen: halvering van het aantal mensen dat leeft van minder dan één doller per dag.
2. Basisonderwijs voor alle kinderen in 2015.
3. Gelijke kansen voor vrouwen in 2015
4. Kindersterfte onder de 5 jaar met tweederde verminderen tussen 1990-2015
5. Sterfte van moeders in kraambed met driekwart verminderen tussen 1990-2015.
6. De verspreiding van HIV/AIDS, malaria en andere ziektes stopzetten.
7. Zorgen voor een duurzaam milieu en halvering van het aantal mensen zonder toegang tot veilig drinkwater.
8. Wereldwijd partnerschap voor ontwikkeling. Dat wil zeggen: meer en effectieve hulp, minder handelsbelemmeringen en meer schuldvermindering.