SMA-Nieuws
Lourdesgrot
Cadier en Keer wordt gerestaureerd
De Lourdesgrot
bij het Missiehuis in Cadier en Keer staat in de steigers.
De grot was dringend aan restauratie toe. Begroeiing op de
grot had de constructie ondermijnd en door vallende takken
waren er gaten in de grot ontstaan. Sommige van de ijzeren
steunen in het interieur waren zelfs compleet weggeroest. ,,Ik
denk dat we rustig mogen zeggen dat de grot bijna op instorten
stond,’’ zegt
provinciaal J. Pijpers.
De kosten van de opknapbeurt bedragen € 60.000,-. Deze moeten
door de S.M.A. zelf worden betaald, omdat de grot niet onder
monumentenzorg of een soortgelijke dienst valt.
De Lourdesgrot in Cadier en Keer heeft een historische betekenis
binnen de S.M.A., omdat de grot gebouwd nog vóórdat
het Missiehuis werd gebouwd. Vanaf het eerste begin hebben de
paters rond de grot acties georganiseerd om geld voor de Sociëteit
in te zamelen. Nog steeds is er elkaar jaar in mei een Lourdesactie.

De Lourdesgrot in de steigers
Foutje in machtigingsbrief Onze Krant
Bij de vorige
uitgave van Onze Krant was een brief gevoegd, waarmee lezers
de S.M.A. konden machtigen om eenmalig een bedrag van hun rekening
te schrijven ten behoeve van Onze Krant. Éénmaal
per jaar vraagt de Sociëteit zo een vrijwillige bijdrage
voor het contactblad dat driemaal per jaar gratis verschijnt.
In de machtiging was echter een foutje geslopen: er was geen
ruimte om een bedrag in te vullen. Veel lezers hadden gelukkig
de tegenwoordigheid van geest om er zelf een bedrag bij te schrijven.
Excuses voor het ongemak en hartelijk dank aan alle gulle gevers.
Lezers die door de fout in de brief enigszins in verwarring waren
en daarom geen bijdrage hebben overgemaakt, kunnen dat alsnog
doen. U kunt een bijdrage naar eigen inzicht overmaken op rekeningnummer:
13.18.35.157 ten name van Sociëiteit voor Afrikaanse Missiën
onder vermelding van Onze Krant.
Boek over geschiedenis S.M.A. in Elzas
Vooruitlopend
op het 150-jarig bestaan van de S.M.A. in 2006 is in Frankrijk
onlangs al een boek verschenen over de geschiedenis van de
Provincie Straatsburg. Het boek gaat over het begin van de
S.M.A. in de Elzas, haar vestigingen in noordoost Frankrijk,
maar ook de eerste uitzendingen naar Nigeria, Ghana, Liberia
en Egypte en nog diverse andere Afrikaanse landen. Alle 500
missionarissen van de Straatsburgprovincie worden in het boek
genoemd en beschreven. De titel van het boek luidt: Saga Missionaire. Het boek
(400 pagina’s) kost € 92,- (incl. portokosten). Het
is te bestellen bij de S.M.A. in Straatsburg.
Niger in nood
De Amerikaanse
provincie van de S.M.A. heeft zich het lot aangetrokken van
de ruim 3,6 miljoen mensen in Niger die te lijden hebben onder
de hongersnood die daar is uitgebroken. Een van de bisschoppen
in Niger – mgr Cartateguy is S.M.A-er – en
hij heeft de Amerikaanse provincie zover gekregen om in het
kader van Missiezondag een inzamelingsactie te houden. De actie
bracht tot nu toe al ruim 60.000 dollar op. In Niger werken
naast de bisschop nog zes S.M.A.-missionarissen.
De Amerikaanse
provincie schrijft dat het triester van de hongersnood in Niger
is dat men deze jaren geleden al zag aankomen, maar dat de
internationale gemeenschap niet geïnteresseerd was
om er iets tegen te doen. ,,Van de 4 miljoen mensen in de regio,
lijden er 3,6 – onder wie zo’n 800.000 kinderen – honger.
De nood begint catastrofale proporties aan te nemen,’’ aldus
het S.M.A.-bericht uit de Verenigde Staten.
CDA: 'Ontwikkelingshulp aan Afrika moet anders'
Hulp aan
Afrika is niet alleen een kwestie van meer geld geven. Natuurlijk
is het goed dat de lidstaten zich daarop hebben vastgepind.
Maar geld alleen zal niet tot ontwikkeling leiden. Daarom wil
het Europees Parlement, anders dan de Europese Commissie heeft
voorgesteld, ook goed bekijken hoe met de verschillende afzonderlijke
landen in Afrika kan worden samengewerkt. Dat staat in het verslag
van CDA-Europarlementariër Maria Martens, dat onlangs door
het Europees Parlement in Straatsburg is aangenomen. Op basis
hiervan stelt de Raad van Ministers in december het nieuwe Afrika-beleid
definitief vast.
Vooruitlopend op het nieuwe Afrika-beleid hebben de lidstaten
in juni 2005 besloten tot een groei in de jaarlijkse hulp van
ongeveer 40 miljard per jaar naar 60 miljard in 2010 tot 100
miljard euro in 2015. Maria Martens vindt dat nog niet duidelijk
is hoe dit extra geld goed kan worden besteed. Om aan de verschillen
tussen de landen in Afrika tegemoet te komen, stelt ze voor onderscheid
te maken tussen de hulp aan stabiele landen en de rest van de
Afrikaanse landen waar het onstabiel is. De eerste groep landen
moet worden gezien als gelijke partner van de Europese Unie.
Deze landen kunnen via begrotingssteun en sectorsteun verder
geholpen worden. Bij de tweede groep landen moet vooral via particuliere
organisaties worden gewerkt aan voeding, gezondheid, onderwijs
en andere basisvoorzieningen voor de bevolking. Doel is het bereiken
van een structurele stabiliteit. Het bestrijden van armoede is
hierbij van het grootste belang. Immers, pas als een land stabiel
is, kan verder worden gewerkt aan verdere ontwikkeling.
Maria Martens: "Landen moeten in principe zichzelf ontwikkelen.
De Europese Unie kan daarbij helpen en stimuleren. Maar we moeten
goed beseffen dat er landen zijn met onstabiele regimes, of waar
door slecht bestuur het sociaal en economisch onstabiel is. In
dit soort landen kan nauwelijks worden gewerkt aan duurzame ontwikkeling.
Toch mogen we de bevolking daar niet laten stikken. Vandaar dat
het Europees Parlement pleit voor een grote rol van maatschappelijke
organisaties. Daarbij moet nadrukkelijk ook aansluiting worden
gezocht bij religieuze gemeenschappen en kerken die veel invloed
hebben in grote delen van Afrika."
Maria Martens
wijst er ook op dat het huiswerk van de Europese Unie zelf
nog lang niet af is: "In dit verband wijs ik op
slechte coördinatie tussen de lidstaten. Hulpprogramma´s
van lidstaten worden niet goed op elkaar afgestemd en werken
daardoor soms elkaar tegen. Vandaar dat ik pleit voor een betere
coördinatie van de Europese Commissie. Ook als het gaat
om de samenhang van het Europees beleid. Het kan niet zo zijn
dat de Europese ontwikkelingssamenwerking wordt tegengewerkt
door bijvoorbeeld het Europees landbouw- of handelsbeleid.
Nieuwe hoofdredacteur Onze Krant
Misschien is het de oplettende lezers al opgevallen, maar Onze
Krant heeft sinds dit jaar een nieuwe hoofdredacteur. Het is
Matheu Bemelmans (37) uit Landgraaf. Van huis uit is hij journalist
van beroep. Hij werkte onder meer bij de regionale omroep in
Maastricht en als freelancer voor diverse regionale media, enkele
landelijke omroepen, Trouw, diverse bedrijfsbladen. Sinds 1998
werkt Bemelmans voor het bisdom Roermond, waar hij in 2000 werd
benoemd tot perschef en woordvoerder van bisschop F. Wiertz.
Daarnaast vervult hij enkele nevenfuncties. Zo is hij ook al
diverse jaren hij hoofdredacteur van het tijdschrift Lourdes,
dat ooit door de S.M.A. werd opgericht onder de naam Stemmen
uit Lourdes.